Toen ik een driewieler kreeg ging de wereld echt voor me open

Ik ben een zwerver! Als er één thema is waar ik me compleet in herken, dan is dat wel zwerven. Ik ben de opperzwerver, al sinds ik me bewust ben van mijn bestaan tot aan de dag van vandaag. Als ik ergens nóóit mee wil stoppen dan is dat wel met zwerven, met dolen, dwalen, verdwalen. Het heeft me overal gebracht waar ik wilde zijn maar waarvan ik het bestaan vooraf niet eens wist. Van fysieke plekken op deze mooie wereld tot en met de onbekende kanten van mezelf. Van heel dichtbij tot veraf. Wie zwerft en dúrft te zwerven ontdekt altijd nieuw terrein.

Het begon al als kleuter. Zittend in het kinderstoeltje aan het stuur van de fiets van mijn moeder. Hier op de ‘voorste rij’ liet mijn moeder me op onze fietstochtjes vaak de richting bepalen. Zo zwierven we samen door de Vlietlanden, een natuurgebied in Zuid-Holland, de regio waar ik geboren ben. Maar ook alleen was ik niet bang. Regelmatig liep ik van de kleuterschool weg om via de weilanden terug naar huis, dat slechts een paar honderd meter verderop was, te dwalen. Toen ik een driewieler kreeg ging de wereld echt open. Vanaf dat moment sloeg ik tot mijn moeders grote paniek elke straat in waar ik nieuwsgierig naar was. Om elke hoek wilde ik even kijken. Ik bleef weliswaar op de stoep maar daar kwam ik toch een heel eind mee. Vandaar dat mijn moeder, die inmiddels wist dat die zwerfdrang van mij niet te beteugelen was, op strategische punten in de buurt ‘spionnen’ had gemobiliseerd die, zodra ze mij voorbij zagen komen, direct mijn moeder belden. Het duurde dus nooit lang, zo’n achtertuinavontuur, maar spannend was het zeker. En stiekem denk ik dat ik daar gegrepen ben door het zwerfvirus dat me al sinds mijn geboorte op de hielen zat. Ook het feit dat ons gezin in mijn kinderjaren geen auto had en we alles op de fiets en met openbaar vervoer deden, zorgde ervoor dat dat virus bleef woekeren.

In mijn tienerjaren verhuisden we naar het midden van het land waar ik met schoolvriendjes na schooltijd vaak door de bossen dwaalde. We worstelden ons door drooggevallen sloten en greppels heen en waanden ons dan in de jungle. Tegen de tijd dat we er weer uitkropen zaten we onder de schrammen. Maar dat vonden we geweldig. Die ‘wonden’ waren immers het bewijs van een intens avontuur. Ook de zandvlaktes van de Soester Duinen rekenden we tot onze wereld. Daar kwamen we in de zomer met verhitte hoofden uit alsof we dagen door de woestijn getrokken waren. Weer later, ik was inmiddels een puber op de middelbare school, pakten mijn ouders hun spullen (en ons) wederom op en vestigden we ons in het zuiden van het land. Ik kocht een brommer, zo’n Tomos met versnellingen, en scheurde als een easy rider door de provincie. Wel met een bestemming in mijn hoofd maar toen al zocht ik vaak de omwegen op, waarbij ik niet zelden compleet de tijd vergat. Het leverde me de bijnaam ‘zwerfkat’ op. Een naam die tot op de dag van vandaag heel erg goed bij me past. De deur van mijn huis als een kattenluik waar ik elke dag doorheen kruip, met nieuwsgierigheid als enige bagage. En met aandacht. Twee jaar geleden bezocht ik een bijeenkomst van de Amerikaanse comédienne, Ruby Wax, naar aanleiding van de lancering van haar boek Frazzled een mindful-gids voor geestelijk welzijn. De interviewer vroeg haar naar haar definitie van geluk. Haar antwoord was overtuigend: ‘The ability to pay attention’. Mooier kon ze het voor mijn gevoel niet uitdrukken. Want met dat vermogen op zak, ga je een heel eind komen, ook al ben je slechts een paar honderd meter van huis vandaan.

Natasha Bloemhard

Founder of the Salt Network, Trail Seeker & Happy Dreamer

@Natasha_Bloemhard